VOKA Ondernemers - Wanneer het regent in Parijs, blijft het droog in Madrid

donderdag 14 oktober 2021 - 14u13

VOKA Ondernemers - september

In september schreven wij opnieuw een bijdrage voor het tijdschrift Ondernemers van VOKA Oost-Vlaanderen. Daarbij ging Jan De Groote in op de (on)grondwettelijkheid van een aantal coronamaatregelen, waaronder de coronapas. Daarnaast vergeleek hij de huidige situatie en het toekomstperspectief van België met die van Frankrijk en Spanje.

U kan de integrale tekst hieronder terugvinden of op pagina 39 via deze link.

De corona-crisis heeft al heel veel gevraagd van ondernemers. Na de lockdown werden draaiboeken gepubliceerd met veiligheidsmaatregelen die op zijn minst volatiel genoemd kunnen worden. De ondernemer paste zich zo goed als mogelijk aan. De crisis is immers ernstig.

De bevolking toonde zich aanvankelijk ook van haar geduldigste kant. Aan het roer staan in deze crisis, kan niet eenvoudig zijn. Toch zijn er grenzen aan wat men mag vragen (opleggen?) aan een bevolking. Die ultieme grens heet de Grondwet.

Een mogelijke nieuwkomer in de maatregelen is de coronapas. Die heeft al wat inkt doen vloeien in ons land. De ene ziet er een pasjesmaatchappij in, de andere net een mogelijkheid de maatschappij terug open te krijgen. Wat onze rechters ervan denken, weten we (nog) niet. Over de grens is er echter wél al constitutionele inkt gevloeid over het concept.

In Frankrijk werd de sanitaire noodtoestand uitgeroepen door een (nieuwe) wet van 23 maart 2020 en uiteindelijk al verlengd tot 15 november 2021. Het Franse parlement gaf aan de eerste minister de mogelijkheid de toegang tot bepaalde plaatsen te verbieden, behalve voor personen in het bezit van een coronapas.

Die pas kan men krijgen indien men (i) gevaccineerd is, (ii) bewijs van een recente, negatieve test kan voorleggen, (iii) een certificaat dat men corona heeft gehad kan laten zien.

De pas is verplicht in de HORECA, professionele seminaries, in de gezondheidszorg (uitgezonderd spoedgevallen), verplaatsing per openbaar vervoer tussen verschillende regio’s en in grote winkels en winkelcentra van meer dan 20.000m². In Frankrijk is daarmee de HORECA-sector en de (grotere) retail het zwaarst “getroffen”. De Franse Conseil Constitutionnel oordeelde echter dat de pas grondwettig was. De keuze om de pas te verplichten in de HORECA en enkel de grote retail, vloeit volgens deze Raad voort uit de “natuur” van de daar uitgevoerde activiteiten (zoals alcoholconsumptie of een shoppende mensenmassa).

De controle van de pas is er voor politie én voor de zaakvoering. De zaakvoerder die nalaat te controleren, kan veroordeeld worden tot gevangenisstraf van 1 jaar en een boete van 9.000 EUR. De bijkomende kosten die deze controleplicht met zich meebrengt voor een zaak, achtte de Franse Grondwettelijke Raad niet disproportioneel. Ook in de mogelijke straf, zag de Raad geen graten.

De coronapas is ook verplicht voor werknemers in de transportsector of die werken in voor het publiek toegankelijke plaatsen. De werknemer met een contract van bepaalde duur die geen pas kan voorleggen, kon zelfs worden ontslagen. De Raad besloot tot een schending van het gelijkheidsbeginsel, nu deze regel niet gold voor vaste werknemers. In een tweede, gelijkaardige maatregel, zag de Raad dan weer geen probleem: de werknemer die geen pas kan voorleggen en weigert verlof op te nemen zolang hij dit niet doet, wordt geschorst. De opschorting van de arbeidsovereenkomst brengt ook met zich mee dat hij onbetaald thuis zit. Dit schendt volgens de Raad de Franse Grondwet niet, omdat met de werknemer ook moet bekeken worden of hij binnen de onderneming geen ander werk kan doen en hij zich altijd nog kan regulariseren, ook zonder zich te laten vaccineren.

De vraag is of de pas daarmee naar Belgische normen wel grondwettig kan zijn. De Belgische Grondwet verbiedt nl. een noodtoestand (i.e. een situatie waar rechten niet beperkt maar geschorst worden). Intussen heeft het Spaanse Tribunal Constitucional al gesteld dat een verbod tot het uitoefenen van een recht, behalve in de enkele gevallen bepaald door de overheid, een schorsing van een recht is. Anders gezegd: het verbod mag niet de regel zijn; de toelating niet de uitzondering. Daarvoor moet de noodtoestand nl. worden uitgeroepen. Omdat de noodtoestand in Spanje niet conform de Spaanse Grondwet was uitgeroepen, waren vele maatregelen er ongrondwettig. De noodtoestand doet dus misschien wel regenen in Parijs, maar in Madrid blijft het voorlopig nog droog.

Druppelt het dan in Brussel? Dat is hier dus nog zo zeker niet. In tegenstelling tot Frankrijk en Spanje is de noodtoestand hier zelfs verboden. Ons Grondwettelijk Hof spreekt zich alvast binnenkort uit over onze grondwettelijke grens. Uit de redening van het Hof zal hopelijk ook blijken in welke mate een coronapas mogelijk is en welke lasten ondernemers daarvoor moeten dragen.

Als we het Spaanse Tribunal Constitucional alvast moeten volgen in haar interpretatie over wat een noodtoestand nu wel of niet is, is een algehele sluiting van ondernemingen zoals we ze gekend hebben tijdens de lockdown, bij ons hoe dan ook verboden. Ook mét pandemiewet. De impact op een Belgische coronapas van deze Madrileense rechtspraak is nog niet helemaal duidelijk en we weten dus nog niet of het ook droog blijft bij ons. Wij hopen, ongetwijfeld met u, op een snel einde van de epidemie en wij dragen daarin allemaal een verantwoordelijkheid. Wij om ons gezond verstand te gebruiken. Onze politici om de Grondwet te respecteren.

Auteur: Jan De Groote